Tsjernobyl-kinderen in Holten
Geplaatst op: 29-09-2006
HOLTEN - Op straat wijzen de jongens steeds naar auto’s. ‘Die vinden ze prachtig’, zegt tolk Olga Lanko. ‘Ze kennen alle merken.’ De ouders van de meeste kinderen uit Tsjernobyl, die in Holten te gast zijn, hebben geen auto. ‘Mijn ouders kopen er binnenkort wel één’, zegt Wowa trots.
De 29 Oekrainse kinderen, in de leeftijd van 8 tot 10 jaar, kijken hun ogen uit. Bijna alles is nieuw voor ze. ‘In de bus vanuit Tsjernobyl was het een drukte van belang’, zegt tolk Olga Lanko uit Minsk. ‘Vliegtuigen, vrachtauto’s, alles heeft hun interesse. Dat zien ze anders nooit.’
Vorige week woensdag is de bus uit Tsjernobyl in Holten aangekomen. Wat het grootste verschil is tussen Nederland en Oekraïne? ‘De Nederlandse kinderen hoeven maar drie dagen naar school’, antwoord Sacha. ‘Dat komt omdat ze woensdag zijn aangekomen en meteen al weekeinde hadden’, lacht Lanko.
’s Ochtends gaan de kinderen naar basisschool De Regenboog, waar een lokaal voor hen beschikbaar is gesteld. Ze krijgen les van hun eigen juffrouw uit het plaatsje Osowaya. ’s Middags hoeven ze, net als thuis, niet naar school. Om de gastouders te ontlasten is een middagprogramma samengesteld. De kinderen zwemmen, sporten en knutselen.
Radioactief
De kinderen staan in het dagelijks leven bloot aan radioactieve straling. ‘Daardoor is de weerstand van de kinderen erg slecht’, zegt Lanko. ‘Een griepje of een wondje, het geneest veel langzamer.’
Tonny Heusinkveld van de stichting Hulp Aan Tsjernobylkinderen Holten weet dat het bloed van de kinderen zich binnen twee maanden ververst. ‘Daarom houden we de kinderen zo lang hier’, zegt ze. ‘Twee maanden in ‘schoon’ gebied en ze kunnen er weer twee á drie jaar tegen aan.’
Tsjernobyl werd twintig jaar geleden getroffen door een kernramp. De hoeveelheid radioactiviteit die vrijkwam was dertig á veertig keer zoveel als bij de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki. De ergst getroffen gebieden zijn geëvacueerd, maar dorpen in de omgeving zijn nog bewoond. De radioactiviteit hoopt zich op in de lichamen van de mensen die er wonen en ook de melk of de zelfverbouwde groente kan besmet zijn. Gevolg is dat veel kinderen last hebben van hun schildklier, lijden aan ademhalingsproblemen en over het algemeen een slechte conditie hebben.
Het is de 29 kinderen in Holten maar ten dele aan te zien. Een aantal ziet wat bleek en is klein voor hun leeftijd. Maar zowel Wowa als Sacha ogen levenslustig en vooral als kind. ‘Bij mijn gastgezin is zoveel speelgoed’, zegt Sacha met grote ogen. ‘En een spelletjescomputer’, vult Wowa aan.
Pas na doorvragen geven ze een inkijkje in hun dagelijks leven. ‘De toiletten zijn buiten’, zegt Wowa. ‘Dat is bijna overal zo in Osowaya.’ Is het niet koud als je nodig moet? ‘Welnee’, lachen ze beiden. ‘We zijn stoere jongens!’ Om die uitspraak kracht bij te zetten voegt Wowa daar aan toe: ‘In de winter ga ik altijd in mijn onderbroek door de sneeuw.’
Het leukst aan Nederland vinden ze tot nog toe het eten. ‘Vooral de toetjes’, zegt Sacha. ‘Er is zoveel keus. Veel meer dan thuis.’
Ga terug...






