In het Rijssens Museum is de expositie ‘Prenten van formaat’ te zien. Lenneke Saraber toont monumentale en kleine linosneden. Er zijn buitengewoon grote, kleurrijke linoleumsneden die de wanden sieren. De prenten zijn van maximaal haalbaar formaat! Lenneke kan ze nog maar net op haar pers afdrukken. De kleurrijke prenten lijken bovendien te zijn geschilderd. Het snijwerk met de guts oogt als een handschrift dat met het verloop van de jaren steeds vrijer is geworden. De in de prenten gebruikte de kleuren zijn meer gedurfd. In het werk is de weergave van de natuurlijke omgeving belangrijk. Daarom heeft Lenneke met de expositie ook een relatie gelegd tussen de binnen- en de buitenruimte van het kasteel.
Het Rijssens Museum sluit met deze grafiektentoonstelling aan bij de Maand van de Grafiek. In heel Nederland doen meer dan 130 instellingen, galerieën en andere locaties mee en tonen in oktober 2016 grafiek. Zo heeft het Rijssens Museum contact gelegd met galerie Tolg’Art in Wierden. In deze galerie is vanaf half oktober een expositie met wat kleiner werk van drie andere grafische kunstenaars ingericht.
De expositie in het Rijssens Museum toont met de aanwezige monumentale prenten de stijlontwikkeling van Lenneke Saraber binnen het grafische werk van de afgelopen 25 jaar. Met de tijd verdwijnt de figuratie; vormen worden groter en in 2013 is daar de eerste abstracte voorstelling van formaat. Deze linoleumsnede met titel ‘Bron’ is ook in de tentoonstelling te zien. Hoewel er voor de latere prenten minder drukgangen gebruikt zijn om tot het gewenste resultaat te komen, behouden de prenten een schilderachtige toets, die vooral ontstaat door verschillende irisdrukken in één prent te verwerken. In andere linoleumsneden zijn landschappen uitgewerkt in kleine kleurvlakken. Door deze lino’s op te bouwen met vele kleurlagen (lees: drukgangen) zijn ze verheven tot sfeervolle, bijna abstracte beelden.
Eerder, tussen 1995 en 2004 maakte Lenneke een serie van meer dan 40 prenten onder de noemer ‘IJsselmeerstudies’. Zij ontwikkelde daarmee haar techniek en stijl, en onderzocht kleur en beeld. Niet gewend als ze was aan het open landschap, vormen deze prenten een reflectie op de verschillende weersomstandigheden rondom het IJsselmeer. Als geboren en getogen in Twentenaar miste ze de bossen, de essen, zandwegen en de kleine beekjes. Maar ze zag een uitdaging in het grafische karakter van het kale landschap met lage horizon en hoge wolkenlucht. Als een rode draad lopen de twee verschillende type landschappen door het vrije werk. Beide thema’s zijn duidelijk te herkennen in de expositie.
Naast de grote vrije linoleumsneden heeft de kunstenares nog altijd een zwak voor kleine prentjes, waarin ze een teveel aan inspiratie verwerkt. Gewone onderwerpen zoals landschappen, wolkenluchten, gereedschap, portretten en vogeltjes zijn in deze linoleumsneden kleine sieraden geworden. Honderden kleine abstracte en figuratieve prentjes zijn ontstaan sinds ze direct na haar afstuderen van de Kunstacademie van Kampen in 1991 de linoleumsnede ontdekte. Het materiaal en de techniek spraken meteen tot haar verbeelding en inspireerden haar tot haar eerste werk van klein formaat.