De betrekkingen tussen de partnersteden Burgsteinfurt en Rijssen-Holten komen weer tot leven.
Vorige week sprak het gemeentebestuur van Rijssen-Holten na een werkbezoek de intentie uit om de economische banden weer aan te halen, de culturele banden werden zaterdag al metterdaad aangehaald. De muziekscholen van Rijssen en Steinfurt verzorgden een gezamenlijk concert in de oudste concertzaal van Europa, konzertgalerie Il Bagno in Burgsteinfurt.
De Stichting Jumelage Rijssen-Holten fungeerde als aanjager, Euregio maakte het busvervoer mogelijk, de beide muziekscholen deden de rest. Rijssen was vertegenwoordigd met een groot blokfluitensemble, dwarsfluitkwartet Aquaflûte, blokfluitkwartet Cochlea en het vrouwenkoor van de Muziekschool.
Van Duitse zijde waren onder meer een jeugdig gitaartalent, een fraaie cellosolo en een virtuoos saxofoonkwartet te horen. De barokke concertzaal uit 1774 heeft een uitstekende akoestiek, en dankzij de moderne techniek konden bezoekers ook buiten meegenieten van de muzikale bijdragen.
Op het buitenterrein van de concertzaal stonden ruim honderdzestig kleurrijk beschilderde kippen opgesteld, een publiciteitsstunt waarmee de stad Burgsteinfurt zich op de kaart wil zetten onder het motto “Ich wollt’, ich wär’ ein Huhn”.
Namens de gemeente Rijssen-Holten onthulde locoburgemeester Ab Stegeman een speciale Rijssen-Holten-kip, die door z’n lengte van 2.80 meter de meeste kunstkippen overtrof. Het gemeentebestuur van Burgsteinfurt verraste wethouder Stegeman door hem vervolgens een oranje Rijssen-Holten-Burgsteinfurt-Huhn aan te bieden. Over een goede bestemming wordt nog nagedacht.
Onder het genot van een hapje en een drankje praatten de concertbezoekers en de musici nog na in het Bagnopark, waarna de Rijssenaren -een bus vol muziekschoolleerlingen en de nodige supporters met eigen vervoer- zich huiswaarts begaven. Wethouder Stegeman vertolkte de mening van velen toen hij zei: “Dit moeten we erin houden, en we beginnen met een herhaling in Rijssen”.