Patrijzenproject bij WBE

Op 17 januari 2014 werd het 25-jarig bestaan gevierd van de Wildbeheereenheid “West-Twente”(WBE) met een receptie voor haar leden en diverse andere genodigden. De gasten werden in de gelegenheid gesteld een donatie te geven voor het opzetten van een Patrijzenproject. Aan deze oproep werd ruimhartig gevolg gegeven.

Landelijk is sinds de jaren ’70 de stand van de patrijs met 95% afgenomen, iets wat in centraal Overijssel ongetwijfeld ook het geval zal zijn. De patrijs heeft het in ons huidige intensief gebruikte cultuurlandschap erg moeilijk door het ontbreken van een goede biotoop voor dekking, voedsel en broedgelegenheid. Het patrijzenproject zal een planmatige opzet krijgen waarbij de eerste uitvoering in 2015 plaats zal vinden.

De leden van de WBE, de aangesloten jagers, zijn inmiddels geïnformeerd over de opzet van het project. Allereerst zijn de jagers van de WBE gevraagd om op vrijwillige basis de patrijzen in hun velden te inventariseren en een enquête in te vullen. Op zaterdag 8 maart 2014 zullen veel jagers het veld ingaan om de aanwezige patrijzen in het veld te inventariseren. Het gaat er dan om vast te stellen hoeveel het er zijn en waar ze zitten in het veld. Voor de inventarisatie wordt gebruik gemaakt van een methode die ontwikkeld is door SOVON en de Vogelbescherming in het kader van het jaar van de patrijs in 2013. Er vindt nogmaals een telling plaats op vrijwillige basis op zaterdag 15 maart 2014 en vervolgens in de gehele maand september 2014.

Aan de hand van de enquête en de tellingen moet blijken waar de patrijzen zich ophouden. Dat zullen de kernleefgebieden zijn. In deze kernleefgebieden zullen biotoopverbeterende maatregelen uitgevoerd moeten worden. Zo blijven de nog aanwezige patrijzen in het veld en kunnen ook de jongen groot worden. Belangrijk is ook, dat op termijn dat door maatregelen het eenvoudiger zal zijn om een onderlinge uitwisseling van de patrijzen mogelijk te maken om zo te zorgen voor een noodzakelijk bloedverversing. Hierdoor wordt de populatie vitaler.

De patrijs is als jachtwild al jaren onbejaagbaar, maar hoort thuis als karakteristiek soort in ons landschap en zal op termijn niet eenzelfde lot beschoren moeten worden als het korhoen. Maatregelen ten gunste van de patrijs hebben ook effect op andere diersoorten. Naast het patrijs zullen ook diersoorten als kwartel, geelgors, fazant, graspieper, gele en witte kwikstaart, veldleeuwerik, grauwe gors, kneu, kerkuil en torenvalk en dagvlinders, bijen en zweefvliegen van de maatregelen profiteren alsook broodnodige (on)kruiden en grassen (kamille, melganzevoet, varkensgras, hennepnetel en straatgras) die als voedselbron voor het patrijs fungeren.

Het succes van het Patrijzenproject is afhankelijk van verschillende factoren. Natuurlijk in eerste instantie van de medewerking van jagers en de resultaten van de tellingen en de enquête. Daarnaast is een fondswerving van belang. Want een vergoeding voor alternatief grondgebruik (ruige grasstroken, natuurlijke akkerranden, stroken met gewassen die niet geoogst worden) zal in de meeste gevallen nodig zijn om een grondgebruiker enthousiast te krijgen. Ook eventueel zaadgoed zal aangeschaft en ingezaaid moeten worden. Vooral wordt een nauwe samenwerking gezocht tussen jagers, grondeigenaren en grondgebruikers en zullen ongetwijfeld ook andere partijen belangstelling hebben in een vorm van deelname of samenwerking.

Het WBE-bestuur zal zich dit jaar (2014) actief inzetten voor fondswerving en sponsoring voor het Patrijzenproject zodat we in 2015, met de telresultaten van 2014 in de hand, daadwerkelijk aan de slag kunnen. Maar nogmaals, eerst zullen we met z’n allen een goede basis creëren en dat is de populatietelling waarover u hierna meer kunt lezen.

Actuele informatie, zoals bijvoorbeeld de handleiding voor de telling van de patrijs en het enquêteformulier, zal steeds op de website van de WBE, www.wbewest-twente.nl vermeld worden.

Deel dit bericht op:
Facebook
Twitter
LinkedIn