Het percentage geregistreerde werklozen is in juni t.o.v. mei in Twente vrijwel gelijk gebleven op 10 procent (landelijk 8,1 procent geregistreerde werkloosheid).
In Twente zijn daarmee per eind juni 27.993 werklozen geregistreerd tegenover 27.721 eind mei.
In totaal staan in Twente per eind juni 3.717 werklozen geregistreerd met een HBO of universitair opleiding (naast 11.870 personen met een middelbaar opleidingsniveau en 12.435 met een laag opleidingsniveau MBO-1, VMBO of lager). In januari 2012 waren dat er nog 2.466 werklozen met een HBO of universitaire opleiding. Er is voor werkgevers een ruime keuze aan werkzoekenden in alle opleidingsniveaus.
De werkloosheid is niet erg hoog onder Twentse jongere hoger opgeleiden tot 27 jaar die in technische beroepen willen werken. Toch is de stijging in deze groep van 11 personen in januari 2012 naar 44 per eind juni 2013 naar verhouding erg groot. Voor hoger opgeleide werkloze ouderen (>50 jaar) in technische beroepen geldt een stijging van 113 naar 158 personen.
Tekenend voor de ruime arbeidsmarkt is, dat veel middelbaar en hoger opgeleiden werk zoeken op ongeschoold niveau, omdat zij geen werk op eigen niveau kunnen vinden. Er staan 438 hoger opgeleiden voor lagere en elementaire beroepen geregistreerd, waaronder magazijn- en productiewerk.
Uitzendbureaus geven aan dat het uitzendwerk met 5 procent gedaald is medio mei en juni. In een ruime arbeidsmarkt is het aantal vacatures lager dan het aantal werkzoekenden. De beste kansen op werk zijn te vinden in de beroepen: programmeurs, verplegenden en doktersassistenten, technisch systeemanalisten, 1e graads docenten exacte vakken.
In de ruime arbeidsmarkt trekken werkgevers graag hoger opgeleiden aan voor minder gekwalificeerd werk. Dit belemmert de doorstroom van de juiste mensen naar de juiste plaats op de arbeidsmarkt en werkt voor bedrijven op den duur vaak kostenverhogend. Veel knelpunten in kleinere en middelgrote bedrijven kunnen voorkomen worden met een ‘slimme’ personeelplanning, die is ingericht op langere termijn, die rekening houdt met marktontwikkelingen en die vooruit kijkt naar toekomstige personele krapte. Een dergelijke strategische personeelsplanning is uiteindelijk kostenbesparend en lost tevens de verdringing op.
Het percentage geregistreerde werklozen zal in Twente het komende halfjaar tot zeker 11 procent toenemen. Een toekomstige daling daarna, zal zich in Twente eerder manifesteren dan landelijk, omdat de in de Twente ruim vertegenwoordigde ‘vroeg-cyclische’ sectoren industrie en handel eerder mensen aan gaan trekken dan andere sectoren;
·
Het aandeel oudere werklozen (50 jaar en ouder) bedraagt in Twente 34 procent van de totale geregistreerde werklosheid; jongere werklozen (tot 27 jaar) hebben een aandeel van 12 procent in de totale geregistreerde werkloosheid;
·
De stijging van meer tijdelijke contracten op de arbeidsmarkt is mede oorzaak voor de toename van het aantal lopende WW uitkeringen. Bij afwezigheid van aansluitend werk zal vaker een beroep op een tijdelijke WW uitkering gedaan moeten worden. Door het gebruik van tijdelijke contracten worden meer dan voorheen de kosten van de economische recessie afgewenteld op sociale verzekeringen.
·
De toename van het aantal lopende WW uitkeringen vindt vooral in de kleinere gemeenten in Twente plaats. Verondersteld wordt dat in de steden relatief meer mensen werken vanuit korte, tijdelijke contracten, die een korte WW uitkeringsduur opleveren. Zij vallen bij langdurige werkloosheid eerder terug op WWB uitkeringen of worden werkloos zonder recht op uitkering.
Per januari 2015 stijgt het aantal mensen met een bijstandsuitkering WWB door de geleidelijke overgang van mensen met een WAJONG (jonggehandicapten-uitkering) naar de WWB (invoering van de nieuwe ‘Participatiewet’). Voor Twente kan globaal rekening worden gehouden met een extra instroom in de van WWB van ±1.500 mensen, afhankelijk van de snelheid van herkeuring.